Op dinsdagavond 3 februari vergaderde de commissie Wonen, Werken en Verkeer over het voorstel van het college om vier mogelijke locaties in Arkel (1), Bleskensgraaf (2) en Nieuw-Lekkerland (1) verder te onderzoeken voor de opvang van vluchtelingen. Lees hieronder onze bijdrage aan door raadslid Bob Brokking
Voor ons ligt het raadsvoorstel “De toetsing van de locaties voor asielopvang”, als vervolg op het besluit van 23 september 2025. Als raad hebben wij toen ingestemd met de opvang van 251 asielzoekers. Wij staan nog steeds achter dat besluit, waarbij een zorgvuldig verlopen proces voor ons cruciaal is.
Overeenkomstig het besluit van 23 september is gezocht naar geschikte locaties op basis van randvoorwaarden, overwegingscriteria en voorkeursvoorwaarden.
Dat brengt mij bij de twee punten waarover een besluit wordt gevraagd:
- Het vaststellen van de door het College uitgevoerde toetsing van de ingediende locaties.
- Het kennisnemen van het verdere onderzoek naar vier specifiek genoemde locaties in Arkel, Bleskensgraaf en Nieuw-Lekkerland.
1. Toetsing van de locaties
Van de 30 aangemelde locaties vielen er 17 af op grond van het niet beschikbaar zijn voor de minimale periode van vijf jaar. De overige 13 locaties zijn beoordeeld, maar die toetsing roept op meerdere punten vragen op, vooral in de categorie voorkeursvoorwaarden.
Bijvoorbeeld:
- In Arkel wordt gesproken over verlichting langs de Parallelweg en Vlietskade, terwijl die in werkelijkheid beperkt of afwezig is. Ook wordt een grasdijk als wandelpad aangemerkt, wat niet klopt
- In Nieuw-Lekkerland gaat de beoordeling uit van een toegang via een 60 kilometerweg, terwijl de feitelijke toegang midden in een seniorenwijk ligt.
- In Bleskensgraaf spelen vergelijkbare verkeersveiligheidsproblemen.
- Bij nutsvoorzieningen zien we ook inconsistenties: Langerak Oost krijgt een rood kruis, terwijl een weiland in Arkel een groen vinkje krijgt. Zijn die nuts voorzieningen in Arkel werkelijk aanwezig op het terrein?
Dit soort onduidelijkheden roepen vragen op over de feitelijke juistheid van de toetsing. Daarom vragen wij het college:
- hoe de feitelijke situatie ter plaatse is meegenomen;
- hoe inconsistenties worden gecorrigeerd en
- of de raad hierover wordt geïnformeerd voordat het vervolgonderzoek verdergaat?
2. Verder onderzoek
Het gevraagde besluit om “kennis te nemen van het verdere onderzoek” is lastig, omdat dat onderzoek nog moet plaatsvinden. Wij gaan er daarom vanuit dat dit betekent dat wij, als raad, wensen aan het college kunnen meegeven voor het verdere onderzoek.
Een belangrijk punt daarbij is de communicatie.
Inwoners zijn pas tweeënhalve week geleden geïnformeerd over het feit dat op een locatie in hun dorp wellicht een AZC wordt gevestigd. Aanmelding voor een informatieavond kan via een QR code, maar dat is niet voor iedereen mogelijk. Ook kan bij de communicatie over zo’n ingrijpend onderwerp niet worden volstaan met verwijzingen naar het heeft in Het Kontakt gestaan of op de social media.
Onze vraag aan het College: hoe zorgt het college ervoor dat alle inwoners, inclusief ouderen en mensen zonder sociale media, tijdig en volledig worden geïnformeerd over het vervolg?
Daarnaast vragen wij als kern van dit betoog nadrukkelijk aandacht voor de zorgen van inwoners. Die zijn niet meegenomen in de beoordeling, maar blijken overduidelijk uit protesten, insprekers en informatieavonden.
Het gaat om zorgen over:
- Veiligheid en overlas
- Veiligheid en overlast
- Druk op voorzieningen
- Woningwaarde
- Sociale onrust
- Type opvang